Toekomst voor de Grote Barbara

Hier komen de share this buttons.
Grote Barbara in Culemborg

Tekst: Annelies Buit | Beeld: Stichting Grote Barbara

De Protestantse Gemeente Culemborg verkocht haar monumentale pand voor een euro aan een stichting, die het gebouw gaat aanpassen, verhuren en beheren. De kosten voor het in stand houden van twee kerkgebouwen waren op termijn niet meer op te brengen.

De middeleeuwse Grote of Barbarakerk in het centrum van Culemborg moet het ‘kloppend hart van de stad’ worden. Levendig, met, naast kerkdiensten, ook concerten, lezingen, ontmoetingen, muziek. De kerkzaal of een andere ruimte is straks te huur voor een bruiloft, expositie of diplomauitreiking.

Zoektocht
Zover is het nog niet, vertelt Janneke Plantenga, maar het is wel waar ze naartoe werken. Plantenga is bestuurder van de Stichting Grote Barbara, die sinds maart 2024 verantwoordelijk is voor het beheer en de verhuur van het gebouw. De stichting werkt nauw samen met de Protestantse Gemeente (PG) Culemborg. Die was tot vorig jaar de eigenaar en verhuurder van het imposante gebouw en kerkt er al eeuwen. De kerkgemeenschap bezit nog een kerk, de Open Hof, gebouwd in de jaren ’70. 
Al in 2016 werd duidelijk dat ze die beide gebouwen op lange termijn niet meer kon betalen en onderhouden, vanwege het teruglopend aantal leden.
Een zoektocht volgde, vertelt Arjen Smits, in die tijd voorzitter van het College van Kerkrentmeesters van de PG. “We wilden als kerk wel ergens onderdak vinden. De vraag was waar. En: hoe doen we dat?”

Rendabel
Er volgende talloze gesprekken met de burgerlijke gemeente en allerlei andere partijen. Dat leidde tot een eenduidige constatering: ‘de Grote of Barbarakerk is bijzonder, het is een middeleeuws gebouw dat compleet met de stad is verbonden en dat we voor publiek en religieus gebruik zo lang mogelijk in stand willen houden’. Voorwaarde was dat het gebouw rendabel geëxploiteerd zou moeten worden. 
Smits: “De zalen commercieel verhuren is daarvoor niet genoeg. Wij hebben ook een subsidiestroom nodig. En publieke subsidies krijg je alleen als je onafhankelijk bent van een kerkgemeenschap.”
De oplossing was de oprichting van een stichting, die de economische eigenaar zou worden van het gebouw. De overdracht, waarbij de stichting symbolisch een euro betaalde aan de Protestantse Gemeente, vond plaats op 1 maart 2024. 
Sinds die datum is de stichting verantwoordelijk voor het onderhoud en de exploitatie van het gebouw. Het andere kerkgebouw, De Open Hof, wordt verkocht.

Lees dit artikel verder in Kerkmagazine juni 2025. U kunt dat hier downloaden.